Het inspectierapport die je wist dat zou komen

Er is al veel ophef geweest over het op handen zijnde inspectierapport over het Cornelius Haga Lyceum (CHL), maar nu ligt daar eindelijk een rapport van de onderwijsinspectie. Het bestuur van de school probeerde dit tweede rapport tegen te houden, maar tevergeefs. De onderwijsinspectie besloot eerder het eerste rapport uit te stellen en stelde een vervolgonderzoek in. Deze actie liep grofweg gelijk aan het uitbrengen van belastende informatie over het bestuur door de NCTV, de propagandapoot van de AIVD. Toen bleek dat de onderwijsinspectie over die aantijgingen niet veel kwalijks kon rapporteren, richtte men de kritiek op recalcitrante bestuurders en hun financiële handel en wandel.

De leerlingen

Alle partijen in dit conflict beweren het belang van de leerlingen van het Haga en hun ouders voorop te hebben. Maar in hoeverre zijn dit holle frasen? Handelt een overheid, die een frontale aanval opent op een school waar het onderwijs gewoon in orde is, in het belang van de leerlingen en hun ouders? Leerlingen krijgen een diploma van deze school, die ze moeten overleggen wanneer ze een vervolgstudie of werk gaan zoeken. Zowel de Amsterdamse gemeenteraad als de regering hebben de naam en waarde van dit diploma op voorhand en onterecht bezoedeld. En hoe schadelijk zijn de manipulaties van de NCTV in dit verband?

Inspectie: onderwijs en schoolklimaat op het Haga zijn voldoende

Vanaf bladzijde 41 in het rapport gaat het over het onderwijsproces. De inspectie beoordeelt zicht op ontwikkeling, de begeleiding, het didactisch handelen en de onderwijstijd voldoende. Op samenwerking scoort het bestuur van de school weer een onvoldoende, hoewel de inspectie in haar rapport schrijft dat samenwerking met externe partijen op het gebied van het onderwijsproces in orde zijn.

Opmerkelijk is de paragraaf over radicalisering. Wordt dit op andere scholen ook meegenomen?

De begeleider passend onderwijs is tevens aandachtsfunctionaris bij radicalisering- en polarisering om eventuele problemen bij leerlingen op dat gebied te kunnen signaleren. Ook de intern begeleider is getraind in een anti-radicaliseringsprogramma van de gemeente Amsterdam.
In een gesprek meldde de begeleider passend onderwijs desgevraagd op het Cornelius Haga Lyceum geen signalen van radicalisering te hebben opgemerkt.

Rapport onderwijsinspectie, blz. 42

Inspectierapport geeft een onvoldoende aan het bestuur

In het kort komt het er eigenlijk op neer dat de onderwijsinspectie aan het bestuur een onvoldoende geeft voor communicatie en financiën. Ook worden de onbewezen aantijgingen van de AIVD minstens vier keer herhaald in het inspectierapport.

De aard van de signalen van de AIVD maakten ook dat binnen het onderdeel onderwijsaanbod aan het onderdeel burgerschapsonderwijs veel aandacht is besteed, evenals aan het bestuurlijk handelen en het financieel beheer.

Rapport onderwijsinspectie, blz. 6

Het gedrag van het bestuur

In iedere paragraaf van het rapport sijpelt bijna wel iets van de afkeer van de inspectie voor het bestuur door. Dat de Haga-bestuurders niet op commando gaan liggen, hebben we allemaal kunnen zien de afgelopen tijd. De inspectie zoekt echter spijkers op laag water. De familiebanden zijn een probleem, een docent en een vrijwilliger krijgen uitgebreid aandacht. De grappen die daar over gemaakt zijn worden als minpunten opgenomen in het rapport. Je gaat je onbewust afvragen hoe belangrijk dit op andere scholen zou zijn. Controleert de inspectie daar ook wie er op schoolreisjes meegaan en wat hun politieke of religieuze voorkeuren zijn?

Wat belangrijker is dan brave schoolhoofden is dat het bestuur van het Haga de van extremisme verdachte personen uit het onderwijsproces haalde. De inspectie ergert zich eraan dat het bestuur niet van deze mensen ook voor de bühne afstand deed.

Financiën

De inspectie onderzocht de financiën van het CHL en vond enkele onregelmatigheden. Hierbij moet opgemerkt worden dat de school pas sinds het schooljaar 2017-2018 bestaat. Het lopende jaar is financieel nog niet afgesloten en kon niet beoordeeld worden. De bevindingen van de inspectie gaan dus over de jaarrekening van 2017, het jaar waarin de school opgestart is. De inspectie lijkt het vooral moeilijk te vinden dat er binnen het bestuur en de administratie sprake is van familiebanden. Dat is opmerkelijk. Het komt op scholen wel meer voor dat er diverse familieleden werken. Het lijkt er daarom op dat de inspectie vooral moeite heeft met de specifieke familie die betrokken is bij de school.

In het inspectierapport wordt een eerder in het NRC gepubliceerde financiële wantoestand genuanceerd.

Het in de media (NRC van 22 april 2019) beschreven beeld dat een derde deel van het salarisbudget ten goede zou komen aan het bestuur, behoeft nuancering. De inspectie heeft vastgesteld dat dit voor ruim 28 procent het geval was en gevolg is van de in 2018 relatief grote betrekkingsomvang en periode van aanstelling van de directeur-bestuurder en zijn twee familieleden ten opzichte van de rest van het nog kleine personeelsbestand.

Rapport onderwijsinspectie, blz. 11

Onveilig

Met de veiligheid binnen de school zit het wel goed, volgens de inspectie. Een gevoel van onveiligheid bij de leerlingen ontstaat juist door de manier waarop er in de maatschappij over de school gedacht en gesproken wordt. Negatieve media en politiek, maar ook de houding van de onderwijsinspectie draagt daar aan bij. De inspectie constateert dit zelf. Hopelijk doen ze er wat mee.

De inspectie constateert ook dat een deel van de leerlingen zich onveilig voelt vanwege het negatieve maatschappelijke klimaat dat rond de school bestaat. Leerlingen geven aan dit negatieve beeld in het geheel niet te herkennen, het niet te kunnen plaatsen en ervaren de situatie als onrechtvaardig, zowel vanwege het optreden van de overheid als van de media.

Rapport onderwijsinspectie, blz. 46
,

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: